Filosofisch practicus 2017/2018

Dé beroepsopleiding tot filosofisch practicus 

Voor informatie, toelatingsgesprekken en aanmelding kunt u contact opnemen via Aletha.vander.velde@isvw.nl

De beroepsopleiding tot filosofisch practicus aan de ISVW biedt deelnemers een intensieve scholing in wat de Gilde-methode is gaan heten: de door Harm van der Gaag ontwikkelde Socratische gespreksdiscipline. Sinds de opleiding van start ging, vier jaar geleden, heeft een vijftigtal mensen zich deze methode eigen gemaakt. Sommigen van hen deden dit met het oogmerk een eigen filosofische praktijk te beginnen, anderen vanuit de behoefte in hun huidige professionele context een ander soort gesprekken te kunnen voeren — bijvoorbeeld een decaan met leerlingen, een projectleider met medewerkers, een hoogleraar met de wetenschappelijke staf. De Gilde-methode is niet de enige methode van filosofische 1-op-1-gespreksvoering, maar inmiddels in Nederland wel de toonaangevende.

Met het verschijnen van het boek Wie het niet weet, mag het zeggen (auteur Harm van der Gaag, ISVW Uitgevers, 2014) heeft de methode een ‘basistekst’ gekregen, waarin uitgangspunten, doelstelling en instrumentarium uiteengezet worden. Wie overweegt de opleiding te gaan volgen, doet er goed aan het te lezen voorafgaand aan het toelatingsgesprek met de docent.

 

Inhoud van de opleiding

De opleiding bestaat uit zes bijeenkomsten aan de ISVW, van steeds vier dagdelen, op zaterdagochtend, -middag en -avond en zondagochtend, plus een zevental een-op-een-sessies met de docent, waarbij de cursist de cliënt is. Deze zeven sessies kunnen zowel voorafgaand aan de opleiding als tijdens de eerste twee maanden opleiding worden gehouden. Het lesjaar wordt afgerond met een praktijkexamen. Om toegang te krijgen tot dit examen moeten cursisten gedurende het jaar een mondeling tentamen en een schriftelijk tentamen hebben gehaald en een opstel hebben geschreven. Deelname aan de opleiding is overigens ook mogelijk voor wie niet aan het examen wil deelnemen.

Tijdens de weekends in Leusden wordt het leeuwendeel van de tijd besteed aan oefening. Cursisten zijn daarbij afwisselend practicus en bezoeker (cliënt) en gaan in gesprek over kwesties die de bezoeker in het eigen leven bezighouden. De sessies worden door de docent intensief begeleid en telkens uitvoerig nabesproken met de hele groep. Daarnaast is tijd ingeruimd voor uitleg en instructie, voor groepsgesprekken over het vak, en voor supervisie, in de groep, over de oefensessies die cursisten vanaf de derde bijeenkomst ook gaan voeren met door henzelf in hun eigen omgeving geworven proefcliënten.

De literatuur die bestudeerd wordt, naast het al genoemde boek van Van der Gaag, is ondersteunend en verbredend van karakter: gesprekstechniek, psychodiagnostiek en kritisch denken (drogredenen herkennen, zindelijk argumenteren). De opleiding concentreert zich op de Gilde-methode en examineert die ook. Alternatieve vormen van filosofische (anti-)coaching komen slechts en passant aan de orde.




Eindtermen voor de Beroepsopleiding tot Filosofisch Practicus

  1. Hij of zij heeft zich een filosofische gesprekshouding eigen gemaakt, waardoor hij of zij in staat is een inzicht-vergrotende, maar niet oplossingsgerichte, vrije, onderzoekende dialoog met een derde op gang te brengen en te helpen ontwikkelen over een kwestie die deze derde wil bespreken, met inachtneming van vormen en voorwaarden die passend zijn voor een beroepsmatige, vertrouwelijke gesprekssessie.
  2. Teneinde te komen tot de bedoelde filosofische gesprekshouding heeft zij of hij zich eerst en vooral bekwaamd in de methode van het bevragen van de vraag en het werken van vraag naar vraag, zoals ontwikkeld door Harm van der Gaag.
  3. Hij of zij heeft in voldoende mate kennis genomen van andere werkstijlen en opvattingen van het ambacht en heeft daarmee een belangrijk deel van het materiaal in handen waarmee op termijn een eigen werkstijl kan worden opgebouwd.
  4. Zij of hij beschikt over voldoende instrumentarium voor het uitvoeren van het filosofische handwerk. Zij of hij is in staat een kwestie op uiteenlopende wijzen te benaderen, verborgen vooronderstellingen aan het licht te brengen, drogredenen te ontmaskeren, enzovoort.
  5. Hij of zij beschikt over basiskennis van de psychodiagnostiek, heeft zicht op de grenzen van zijn of haar professioneel handelen als filosofisch practicus en kan zich een oordeel vormen over de noodzaak van doorverwijzing naar andere professionals, met name in de geestelijke gezondheidszorg.
  6. Zij of hij is in staat tot kritische reflectie op het vak en op het eigen handelen als filosofisch practicus en heeft daarvan in gesprek en geschrift blijk gegeven.
  7. Hij of zij heeft een realistische verwachting van de eigen verdere ontwikkeling in dit ambacht en een gegrond besef van de noodzaak door super- en intervisie de kwaliteit van de gevoerde gesprekken op peil te houden en waar mogelijk te verhogen.
  8. Zij of hij heeft alle opleidingsbijeenkomsten bijgewoond, zeven of meer individuele gesprekken van drie kwartier gevoerd met de hoofddocent, een voldoende of ruim voldoende aantal oefengesprekken met cliënten van buiten de opleiding gevoerd, de vereiste schriftelijke verslagleggingen en reflecties ingeleverd, de tentamens gehaald, en actief deelgenomen aan de groepsdiscussies.

Deelnemers aan de opleiding kunnen lid worden van het Gilde van Filosofisch Practici (als leerling). Na het behalen van hun certificaat kunnen zij als gezel binnen het Gilde hun vorming als filosofisch practicus voortzetten. Toetreding tot het Gilde is noodzakelijk om de titel filosofisch practicus op termijn te blijven voeren.

Voor wie is de beroepsopleiding bedoeld?

Eenieder die beroepsmatig inzichtverschaffende gesprekken voert of dat wil gaan doen en zich deze methode eigen wil maken, is uitgenodigd om bij de ISVW een toelatingsgesprek met de docent aan te vragen. Doel van dit gesprek is te onderzoeken of men met de juiste verwachtingen aan de opleiding begint en of men een goede kans maakt de opleiding met een bevredigend resultaat af te ronden. Om een eerste indruk te krijgen van de werkwijze, en als voorbereiding op het toelatingsgesprek, kunnen belangstellenden het artikel “Wat is er filosofisch aan de filosofische praktijk?”, geschreven door de docent, opvragen bij de ISVW.

Een academische graad in de filosofie is geen vereiste voor deelname. Ook deelname aan de Basisopleiding Filosofie in de Praktijk is dat niet, al wordt deze wel aanbevolen.

Opbouw opleiding

  • Zes bijeenkomsten op zaterdagen en zondagochtenden
  • Zeven individuele sessies met de docent, in Utrecht
  • Arrangement met diner op zaterdag, lunchbuffetten op zaterdag en zondag, koffie/thee.
  • Een exemplaar van het januari/februarinummer ‘Filosofische Praktijken’ van het tijdschrift Filosofie.
  • Overnachtingen in een standaardkamer op Landgoed ISVW.
  • Syllabus met een deel van de verplichte literatuur
  • Examendag start 10.00- 18.30 (inclusief lunch, koffie en thee).
  • Uitreiking van een certificaat bij afronding van alle onderdelen.

Elke cursusweekend heeft dezelfde opbouw. Zaterdag, 9.45 uur ontvangst met koffie/thee, 10.30 uur aanvang. Einde op zondag 12.30 uur met daarna een afsluitende lunch.

Data
  • Zaterdag 16 en zondag 17 september 2017
  • Zaterdag 11 en zondag 12 november 2017
  • Zaterdag 13 en zondag 14 januari 2018
  • Zaterdag 10 en zondag 11 maart 2018
  • Zaterdag 14 en zondag 15 april 2018
  • Zaterdag 26 en zondag 27 mei 2018
  • Zaterdag 16 juni 2018 examendag

Aanvang zaterdag 10.30 uur, einde zondag 12.30 uur met afsluitende lunch.

Deelname

Arrangement 1: € 4.441,25 (6 weekenden, 6 x diner met wijn, 12 x lunchbuffet, koffie/thee)
Arrangement 2: € 4.786,25 (arrangement 1 + standaardkamer en ontbijt)
Arrangement 3: € 4.846,25 (arrangement 1 + pluskamer en ontbijt)
Arrangement 3: € 4.891,25 (arrangement 1 + comfortkamer en ontbijt)

Indien u interesse heeft in deze beroepsopleiding kunt u voor informatie, aanmelding en intake contact opnemen met Aletha.vander.Velde@isvw.nl.

Literatuurlijst

  1. Plato, Theaetetus (vert. Xaveer de Win, 1978, niet de herziene versie) (niet meer leverbaar, komt in de syllabus)
  2. Willem van der Does, Zo ben ik nu eenmaal (aanschaffen)
  3. Harry Stroeken, Kleine psychologie van het gesprek (aanschaffen)
  4. Bruce Fink, Fundamentals of Psychoanalytic Technique (aanschaffen)
  5. Tracy Bowell & Gary Kemp, Critical Thinking, a concise guide, 4th edition (aanschaffen)
  6. Harm van der Gaag, Wie het niet weet, mag het zeggen” (lezen ter voorbereiding op het toelatingsgesprek, aan te schaffen direct bij de uitgever)

Over de docent

Docent Harm van der Gaag openGaag, Harm van der (2013) foto Leonie de Jongde in 2004 filosofische praktijk Denk dieper in de binnenstad van Utrecht. Destijds was het verschijnsel ‘filosofische praktijk’ nog goeddeels onbekend. Na een aantal magere jaren kwam de praktijk goed op gang en kon Harm als eerste in Nederland met dit werk in zijn levensonderhoud voorzien. Inmiddels is de werkwijze die Harm ontwikkelde toonaangevend in het vakgebied. Naast zijn werk met cliënten, vier dagen per week, het verzorgen van de opleiding aan de ISVW en het geven van supervisie aan gezellen binnen het Gilde houdt Harm zich bezig met het schrijven van een boek over het vak en met een promotieonderzoek.

 


Back to Top ↑
  • Bildung scheurkalender 2018



    Verschijnt eind augustus met bijdragen van koning Willem Alexander, Ben Feringa, Jet Bussemaker e.a.

  • Laatste kans!

    do 17

    Grote denkers over liefde en verlangen

    14 augustus om 10:30 tot 18 augustus om 12:30
    do 17

    Mystiek en literatuur

    16 augustus om 10:30 tot 20 augustus om 12:30
    do 17

    Spinoza in grote lijnen

    16 augustus om 10:30 tot 20 augustus om 12:30
    ma 21

    De kunst van het anders denken

    21 augustus om 10:30 tot 25 augustus om 12:30
    sep 09

    START: Filosofie in de praktijk 2017-2018

    9 september om 10:30 tot 17:00
  • NIeuw bij ISVW uitgevers

  • Meld je aan voor onze nieuwsbrieven

  • @isvwijsbegeerte