Gij zult excelleren! | Recensie Lieke Knijnenburg

In Een schitterende leegte, Een poging tot verzet tegen onze obsessie met productiviteit onderzoekt filosofe Lieke Knijnenburg onze collectieve obsessie met efficiëntie en productiviteit en haar worsteling daarin. In toegankelijke taal en met een breed palet aan (filosofische) denkers legt ze bloot hoe de prestatiemaatschappij zelfs onze vrije tijd, vriendschappen en verlangens koloniseert. Maar is introspectie genoeg voor verzet?

Door: Ruwan van der Vaart

Wat gebeurt er als productiviteit de maat wordt van een succesvol leven? In Een schitterende leegte onderzoekt Lieke Knijnenburg hoe diep deze neoliberale ideologie in ons bestaan is doorgedrongen. Waarom voelt nietsdoen als falen? Waarom moeten zelfs onze vriendschappen, hobby’s en vrije tijd iets opleveren? En misschien wel het lastigst: hoe keer je je tegen een systeem dat je zélf – vaak zonder het te merken – in stand houdt?

Het boek is een persoonlijke en filosofische zoektocht naar antwoorden. Knijnenburg herkent zichzelf in de ‘hyperactieve mens’ die Nietzsche in Menselijk, al te menselijk beschrijft: iemand die haar dagen vult met taken en lijstjes afvinken, en zelfs ontspanning ziet als middel tot zelfoptimalisatie. Die eerlijke zelfreflectie maakt haar analyse des te krachtiger.

Haar persoonlijke ervaringen geven abstracte filosofische ideeën een emotionele lading, waardoor het boek een bron van herkenning is. Neem de situatie waarin je eindelijk een avond vrij hebt, maar het gevoel je bekruipt dat je die tijd eigenlijk beter had moeten besteden door een boek te lezen dat inspiratie biedt voor je werk. Als zelfs ontspanning iets moet opleveren, verliest vrije tijd haar betekenis. En wanneer zelfs je verlangens worden gestuurd door verwachtingen van buitenaf, wordt het lastig om nog te voelen wat je écht wilt. Juist daar ontstaat de existentiële crisis die dit boek blootlegt: wie ben ik als ik mezelf alleen nog kan denken in termen van efficiëntie, groei en productiviteit?

Dansen als verzet

Knijnenburg verweeft haar persoonlijke verhaal met inzichten uit een indrukwekkend scala aan filosofen, sociologen, journalisten en schrijvers. Denk aan Michel Foucaults theorie over geïnternaliseerde macht, Byung-Chul Han’s analyse van de vermoeide samenleving en Hartmut Rosa’s concept van resonantie. Ze toont overtuigend aan hoe neoliberale logica ons leert denken in termen van efficiëntie, optimalisatie en meetbare groei en zelfs doordringt in intieme domeinen als liefde, vriendschap en zelfzorg.

We verwachten tegenwoordig dat werk niet alleen geld oplevert, maar ook zingeving en geluk. Dat klinkt positief, maar het maakt het ook des te makkelijker om mensen harder te laten werken voor minder. Als je werk ‘leuk’ is, zou waardering immers genoeg moeten zijn. Knijnenburg laat zien hoe deze druk is geïnternaliseerd: het is niet meer de autoriteit van de kerk of een baas die vertelt wat we moeten doen, maar we voelen zelf de plicht om het beste uit onszelf te halen. Niet het verbod, maar het gebod regeert. Zo krijgt het neoliberale arbeidsethos een vriendelijke façade, maar daarachter schuilt de dwingende logica van zelfoptimalisatie. Denk bijvoorbeeld aan de zorgverlener die zonder tegenprestatie overwerkt omdat het zulk dankbaar werk is. Knijnenburgs kritiek sluit hiermee aan bij denkers als Van den Berg, Donner en Price, die laten zien hoe deze arbeidsethos juist leidt tot uitputting en vervreemding.

Toch zoekt Knijnenburg niet alleen naar kritiek, maar ook naar vormen van verzet. Daarbij vindt ze inspiratie in onverwachte hoek: op de dansvloer. In het zweterige samenzijn van een clubnacht, waarin rationele controle even plaatsmaakt voor intuïtie en overgave, ervaart ze een zeldzaam moment van vrijheid. Hier valt de druk van presteren weg en ontstaat ruimte voor verbondenheid en resonantie.

Tegelijkertijd roept het de vraag op in hoeverre dit verzet werkelijk bevrijdend is. Is dansen niet gewoon escapisme? Knijnenburg erkent die kritiek, maar houdt vol dat er in zulke momenten een glimp van een ander leven zichtbaar wordt – een leven waarin we niet meer hoeven te gehoorzamen aan externe of geïnternaliseerde eisen, maar ruimte maken voor aandacht en kwetsbaarheid.

Zelfzorg of systeemkritiek?

Een terugkerend punt van spanning in het boek is het onderscheid tussen individueel verzet en collectief verzet. Knijnenburg signaleert scherp dat we steeds vaker individuele oplossingen zoeken voor structurele problemen – yoga in plaats van vakbond, meditatieve apps in plaats van loononderhandelingen. Toch blijft ze in haar eigen boek ook grotendeels binnen het domein van introspectie. Ze pleit voor een andere omgang met tijd, verlangens en zelfzorg, maar concrete handvatten voor collectief verzet blijven uit. Dat maakt haar poging tot verzet eerder beschouwend dan mobiliserend.

Een schitterende leegte is een toegankelijk boek vol herkenbare situaties en inspirerende denkers. Het doet denken aan Agendahedonisme van Tom Grosfeld – een boek waar Knijnenburg zich door laat inspireren. Grosfeld laat zien hoe efficiëntie, productiviteit en doelmatigheid niet alleen ons werk, maar ons hele leven zijn gaan beheersen. Waar Grosfeld uitgebreider en theoretischer te werk gaat, kiest Knijnenburg voor een compactere aanpak, waarin filosofische theorieën nauw verweven zijn met haar persoonlijke ervaringen. Verwacht geen uitgewerkte blauwdruk voor verzet of diepgravende systeemkritiek, maar wel een scherpe analyse van de prestatiemaatschappij die ons leven meer beheerst dan we denken. Voor iedereen die zoekt naar woorden voor het knagende onbehagen van deze tijd en wil begrijpen waar het vandaan komt is het boek een kritische gesprekspartner. Het nodigt je uit om anders naar jezelf en de wereld te kijken.

Toch voelt het einde van het boek onaf. De schitterende leegte waar de titel naar verwijst – een lege ruimte waarin we weer verbinding kunnen ervaren – wordt nauwelijks uitgewerkt. Maar misschien is dat ook juist het punt – dat we nog niet weten hoe die leegte ingevuld kan worden – en ben ik te calvinistisch om te accepteren dat iets zonder duidelijk doel er gewoon mag zijn. Of ben ik zo doordrenkt van de neoliberale logica dat ik zelfs van leegte verwacht dat ze iets oplevert?

Lieke Knijnenburg, Een schitterende leegte, Een poging tot verzet tegen onze obsessie met productiviteit, Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2025.

Dit artikel is verschenen in iFilosofie #84. Klik hier voor de volledige editie.

Winkelwagen
Scroll naar boven