Consent: betere seks voor iedereen? | Recensie Manon Garcia

Voor goede seks heb je consent nodig. Maar is consent alleen genoeg voor (moreel) goede seks? In Consent. Een filosofie van goede seks zet Manon Garcia op een systematische manier uiteen wat we van het consentbegrip mogen verwachten en hoe we het kunnen inzetten voor (moreel) betere seks.

Door: Felice Starreveld

De van origine Franse filosoof Manon Garcia is hoogleraar praktische filosofie aan de Vrije Universiteit van Berlijn. Haar expertises in politieke en feministische filosofie komen in Consent duidelijk naar voren. Garcia begint haar boek met de definitie van consent die de meesten van ons intuïtief hanteren: een simpele uitwisseling van wederzijdse toestemming. Onze intuïtie is vervolgens dat als twee mensen hun consent hebben uitgewisseld, er dan sprake is van (moreel) goede seks. Daarmee zou consent het perfecte criterium zijn voor de scheidslijn tussen goed en kwaad, en tussen goede seks en verkrachting. Deze intuïtieve definitie problematiseert Garcia. Er zijn namelijk genoeg situaties waarin er wel sprake is van wederzijdse toestemming, maar niet van moreel goede seks.

Laten we naar een voorbeeld kijken. Robin en Sam ontmoeten elkaar op een feestje. Ze hebben het gezellig samen en na wat geflirt biedt Sam aan met Robin mee naar huis te lopen. Robin stemt toe. Aangekomen bij haar huis is het duidelijk dat Sam seks verwacht. Robin merkt dat ze daar niet zo veel zin in heeft, maar ze heeft het gevoel dat ze Sam al te veel heeft verleidt om hem nog af te kunnen wijzen. Ze wil niet worden gezien als een tease. Dus stemt ze toe. Er is dus sprake van consent – Robin en Sam hebben beiden hun toestemming gegeven voor de seks – maar toch lijkt er geen sprake te zijn van (moreel) goede seks voor alle partijen. Betekent dit dat we onze definitie van consent moeten aanpassen? Of betekent het dat consent ons geen (moreel) goede seks kan brengen?

De ambiguïteit van het begrip ‘consent’

Garcia betoogt dat consent wel degelijk kan worden ingezet voor (moreel) betere seks, maar dat dit niet zo makkelijk is als nog wat extra voorwaardes toevoegen aan de definitie die we doorgaans gebruiken. Dit komt volgens Garcia doordat we wel allerlei intuïties bij het begrip ‘consent’ hebben, maar eigenlijk niet zo goed weten waar we het nu precies over hebben. Volgens Garcia willen we met het begrip ‘consent’ twee doelen bereiken. We willen aan de ene kant een duidelijk onderscheid maken tussen seks en verkrachting, om op een efficiënte manier te strijden tegen seksueel geweld. Aan de andere kant hopen we door middel van consent onze seksuele en liefdesrelaties eerlijker, gelijkwaardiger en fijner te maken. Het probleem is dat we bij het bereiken van het eerste doel denken dat het tweede doel automatisch ook bereikt is. Maar dat is niet zo, zoals we net hebben gezien.

Als we consent als middel voor eerlijkere, gelijkwaardigere en fijnere relaties willen gebruiken, moet het meer zijn dan simpelweg akkoord gaan met seks. Waarom? Omdat we in een samenleving leven die in grote mate beïnvloed wordt door de sociale normen van het patriarchaat, die de vrouw onderdrukken. Consent geeft ons de mogelijkheid om uit te spreken wat we willen en kan daarmee een emanciperend begrip zijn. Maar tegelijkertijd houdt consent ook het patriarchaat in stand, omdat niet iedereen even makkelijk kan zeggen wat die écht wil (‘ze heeft toch zelf “ja” gezegd’). Dat komt door sociale normen die ons vertellen dat mannen altijd zin hebben in seks, dat vrouwen ‘nee’ zeggen maar eigenlijk ‘ja’ bedoelen, dat je je als vrouw moet schamen voor je seksualiteit en verlangens, en dat je vriend sowieso vreemd zal gaan als je geen of weinig seks met hem hebt. Zie in deze samenleving maar eens echt autonoom te beslissen of je wel of geen seks met iemand wilt.

Maar we kunnen de definitie van consent ook niet zomaar uitbreiden naar meer dan simpelweg akkoord gaan met seks. Juist omdat we consent ook willen gebruiken als scheidslijn tussen verkrachting en seks. Als we een veeleisender consentbegrip hanteren, zou er veel meer onder verkrachting vallen dan dat aansluit bij onze intuïties. Het probleem daarvan is volgens Garcia dat we in die situatie geen goed woord meer hebben om de ernst van een gewelddadige verkrachting goed weer te geven. Bovendien wordt het dan volgens Garcia lastig om er duidelijke juridische consequenties aan te verbinden.

Garcia stelt dat we, om op een heldere manier te kunnen praten over consent, juridisch en moreel consent uit elkaar zouden moeten trekken. We hebben volgens haar bij lange na niet genoeg aan het verankeren van consent in de wet als we met consent (moreel) betere seks willen bereiken.

Een erotisch gesprek

Om iets te hebben aan een moreel consentbegrip, moeten we volgens Garcia heel anders naar consent gaan kijken. In plaats van consent te zien als een onderhandeling, iets wat een man van een vrouw moet krijgen, moeten we het zien als een gesprek. Een conversatie voor, tijdens en na de seks waarbij er sprake is van respect naar beide partijen. En consent zou onderdeel van seks moeten zijn in plaats van een noodzakelijke, maar niet erg opwindende onderbreking. Consent als erotisch gesprek zal volgens Garcia zorgen voor betere seks voor iedereen.

Maar voordat we daar zijn is er een cultuurverandering nodig. Consent juridisch verankeren ziet Garcia niet als verkeerd, maar consent als het voeren van een erotisch gesprek kunnen we niet in de wet zetten. In de wet is het voornaamste doel van consent dus om als scheidslijn tussen seks en verkrachting te dienen. Maar om consent daarnaast in te kunnen inzetten voor (moreel) betere seks moeten we ook de sociale normen veranderen. Dat kunnen we volgens Garcia doen door bijvoorbeeld te zorgen voor betere seksuele voorlichting en populaire educatieve campagnes – hierover doet Garcia helaas niet heel concrete voorstellen – maar vooral door meer te praten over, tijdens en na de seks.

Voor dat laatste kunnen we inspiratie halen uit de BDSM-wereld, waar het gebruikelijk is om vooraf heel duidelijk te hebben wat ieders wensen en verlangens zijn en gebruik te maken van safewords. Verder benadrukt Garcia terecht dat we niet moeten vergeten dat het ook gewoon erg opwindend kan zijn om te praten over je verlangens. Natuurlijk is dit niet genoeg om de sociale normen in één keer te veranderen. Het patriarchaat kan je niet zomaar even omverwerpen. Maar ik denk dat Garcia een belangrijke bijdrage levert door zowel systematisch uit te zoeken wat we bedoelen met consent als uit te zoeken hoe we het begrip zouden moeten gebruiken.

Seksuele bevrijding voor alles en iedereen

Consent is een helder, systematisch en genuanceerd betoog. Het is duidelijk dat Garcia uitgebreid onderzoek heeft gedaan naar de filosofische traditie over consent. Ze bespreekt consent dan ook niet alleen in de context van seks, maar ook in de context van het recht en de politieke contracttheorie. Hoewel dit ook erg interessant was om te lezen, zorgde het er wel voor dat ik aan het begin af en toe moeite had om de rode draad van het verhaal te volgen. Er wordt sowieso erg veel besproken in Consent: onder andere de ontwikkeling van seksuele consent in het recht, de BDSM-wereld, de filosofie van Michel Foucault en epistemisch onrecht. Allemaal zeer de moeite waard om te lezen, maar verwacht niet vanaf het begin één duidelijk antwoord waar het betoog naar toe zal leiden. Gelukkig heeft Consent een heldere en hoopvolle conclusie: een goed begrip van ‘consent’ zal zorgen voor een seksuele revolutie die bevrijding zal brengen voor alles en iedereen. Dus ik zou zeggen: lees en praat over dit boek, of het nu een erotisch gesprek is of niet, en dan komen we allemaal een stap dichterbij betere seks voor iedereen.

Manon Garcia, Consent. Een filosofie van goede seks. Vertaald door Reintje Ghoos en Jan Pieter van der Sterre, Amsterdam: Boom, 2025.

Dit artikel is verschenen in iFilosofie #84. Klik hier voor de volledige editie.

Winkelwagen
Scroll naar boven