Hoe verhouden de geesteswetenschappen zich tot de andere wetenschappen? Hoe moeten we het begrip cultuur opvatten? Hoe werkt het structuralisme? En wat is de kritiek van Habermas op Gadamer? In zijn nieuwe boek Cultuur en betekenis. Filosofie van de geesteswetenschappen laat Eddo Evink zien hoe deze vraagstukken zich tot elkaar verhouden en waarom ze belangrijk zijn.
Door: Joanne Rouwendal
Cultuur en betekenis. Filosofie van de geesteswetenschappen is een uitgebreid overzicht van alle belangrijke theorieën en methoden die gebruikt worden in de geesteswetenschappen. In zijn boek beschrijft Eddo Evink waarom de geesteswetenschappen ertoe doen en gaat hij na welke onderzoeksmethode deze manier van wetenschap bedrijven nodig heeft. Evink beschrijft hoe verschillende grote denkers in de geschiedenis van de filosofie hebben gedacht over hoe mensen samenleven en hoe wij onszelf kunnen begrijpen. Daarnaast gaat hij op zoek naar objectiviteit in de sociale wetenschappen, maar komt hij tot de conclusie dat ‘de veelzijdigheid van culturen en ook binnen culturen wordt weerspiegeld in het rijke palet aan sociaalwetenschappelijke en geesteswetenschappelijke theorieën’. Evink concludeert dat mensen al die tijd al zichzelf, hun cultuur en andere culturen onderzoeken en dat moeten blijven doen, zodat ze waardevolle kennis kunnen opdoen.
Cultuur is…?
Evink begint zijn boek met een zoektocht naar de definitie van het begrip cultuur. Hij onderzoekt verschillende interpretaties, zoals: cultuur als morele eenheid, cultuur als wat mensen bindt, cultuur als dat wat door mensen is gemaakt. Daarbij onderzoekt hij of de geesteswetenschappen ofwel descriptief, beschrijvend en analyserend, ofwel normatief, ordeelgevend en waardebevattend, ofwel prescriptief, voorschrijvend en dwingend zijn en voor welke problemen elk van de drie zou kunnen zorgen. In hetzelfde hoofdstuk probeert hij op zoek te gaan naar de uitleg van wetenschap en de verschillen in wetenschap.
In het volgende hoofdstuk loopt Evink in sneltreinvaart de geschiedenis van de geesteswetenschappen door: van Aristoteles en zijn focus op episteme en doxa – respectievelijk kennis en opinie –, tot het Duitse idealisme van Hegel. Toch leest deze samenvatting van de geesteswetenschappen niet als een uitgeklede versie van de geschiedenis, maar als een samenvatting die precies genoeg zaken aanstipt en uitwerkt om dan weer verder te gaan naar de volgende.
Hermeneutiek, de interpretatiekunde, is een eeuwenoude wetenschap. Hoewel de hermeneutiek eerst een hulpwetenschap was, is die in de loop van de moderne tijd steeds verder verbreed. Via Wilhelm Dilthey, het positivisme, het neokantianisme en de levensfilosofie komt Evink uit bij de descriptieve psychologie. Deze psychologie beargumenteert dat ‘de uitingen van de menselijke geest alleen begrepen kunnen worden door deze geest zelf te bestuderen’. Het object van de geesteswetenschappen zou volgens de filosoof Dilthey de geest zelf moeten zijn, niet dat wat buiten ons is. Middels heldere afbeeldingen, diagrammen en tekeningen legt hij de voor- en nadelen van deze theorie uit. Een van de nadelen van deze theorie is bijvoorbeeld het inductieprobleem. Omdat alle ervaringen subjectief zijn, betekent een veelvoud van ervaringen enkel waarschijnlijke kennis, geen absolute kennis. Er kan altijd een ervaring komen die verschilt van de eerdere ervaringen.
Na de fenomenologie van Heidegger en de filosofische hermeneutiek van Gadamer begint deel twee van het boek. Verscheidene filosofen worden uitgediept aan de hand van het structuralisme. De Zwitserse taalwetenschapper Saussure werd bekend door zijn theorie waarin taal wordt gezien als systeem van regels die gebruikt worden in het spreken. In verschillende visualisatieschema’s worden de opvattingen van verscheidene filosofen over de relaties tussen taal, systemen en regels uitgediept. In het hoofdstuk over psychoanalyse legt Evink uit welk verschil Freud maakt tussen het bewuste en het voorbewuste. Het voorbewuste is in feite een onderbewustzijn dat de mogelijkheid heeft bewust te worden. Foucault wordt uitgelicht, als denker van de kritische theorie, en zijn machtsanalyse, waarin hij betoogt dat disciplinering en macht overal aanwezig is, wordt ook kort uitgediept.
Hedendaagse onderwerpen
Ook onderwerpen als gender en postkolonialisme schuwt Evink niet, hoewel hij niet staat te springen om zijn eigen mening hierover te geven. Via verscheidene vrouwelijke filosofen schetst hij het discours en de veranderingen die hier de afgelopen eeuwen hebben plaatsgevonden. Wat opmerkelijk is, is dat juist die vrouwelijke filosofen slechts enkele alinea’s tot hun beschikking krijgen, terwijl hun mannelijke collega’s bladzijden of zelfs hoofdstukken mogen vullen. Een uitzondering hierop is de filosoof Judith Butler: hun theorie over gender en sekse als performatief wordt iets uitgebreider uitgediept. Butler bekritiseert de gedachte dat gender vast zou moeten liggen in de identiteit. Tevens worden hedendaagse onderwerpen zoals techniek, klimaat en digitalisering besproken aan de hand van de filosofie van Bruno Latour. In deze hoofdstukken en de rest van zijn boek blikt Evink vooral terug, maar echt vooruitkijken durft hij niet. Daarmee blijft het boek vooral een beschouwing op het verleden, terwijl juist gedachten over het heden en de toekomst zo relevant geweest zouden zijn.
Cultuur en betekenis. Filosofie van de geesteswetenschappen is een uitgebreid boek over de filosofie van geesteswetenschappen, hermeneutiek en cultuur. Het boek is makkelijk te lezen, heeft korte hoofdstukken en veronderstelt weinig tot geen achtergrondkennis. Voor de beginners in de filosofie is achterin het boek een gebruiksvriendelijke begrippenlijst opgesteld die gemakkelijk geraadpleegd kan worden. Cultuur en betekenis stipt vrijwel alle onderwerpen rondom cultuur en (westerse) geesteswetenschappen aan, maar laat na het hier dieper op in te gaan. Als introductieboek is dit niet vervelend, maar voor een diepere analyse was het fijn geweest als de auteur zijn onderwerp beter ingekaderd had en zo dieper in had kunnen gaan op een selecter onderwerp. Al met al is dit boek een aanrader voor eenieder die een basis wil opbouwen van kennis over filosofie van cultuur en geesteswetenschappen. Mijn tip: lees iedere dag een hoofdstuk in de trein. Na twee weken is je kennis volledig bijgespijkerd!

Eddo Evink, Cultuur en betekenis. Filosofie van de geesteswetenschappen. Amsterdam: Boom, 2024.

